actueel
missie
organisatie
terecht
cmw penning
vernindingen
archief
contact
 

Overzicht actueel

Gemeentelijke machoaanpak helpt vrouwen niet

De voorgenomen sluiting van 33 prostitutiepanden op grond van de wet BIBOB (Bevordering Integriteitsbeoordelingen Openbaar Bestuur) door het Amsterdamse bestuur is spierballenpolitiek. De actie zal niet leiden tot een vermindering van vrouwenhandel en gedwongen prostitutie in de stad, zoals de hoofdcommissaris van de politie, Bernard Welten en de burgemeester van Amsterdam, Job Cohen beiden beweren. Zij stellen dat de plannen blijk geven van de gemeentelijke toewijding aan de strijd tegen vrouwenhandel. Maar daar is de wet helemaal niet voor bedoeld. Bovendien, uit het verleden is al gebleken dat het weinig effect heeft op mensenhandelaren. Het zou mooi zijn als de gemeente en de politietop eens zou zeggen waar het hen nou werkelijk om gaat.

 

Welten en Cohen weten waarschijnlijk wel dat de meeste pooiers en mensenhandelaren criminele cowboys zijn en geen pandenbezitters. In 2004 deed ik onderzoek naar misstanden in de prostitutiebranche op de Wallen. Ik liep een aantal maanden mee met twee wijkagenten, die zedencontroles uitvoerden bij de vrouwen achter de ramen. Een Turks-Duitse groep gewelddadige pooiers buitte toentertijd verschillende buitenlandse en Nederlandse vrouwen uit. Nadat beide agenten lang hadden aangedrongen, startte de politie een onderzoek naar deze groep. Maar, geheel in de geest van de ‘korteklappenmethode’ van toenmalige en huidige politieonderzoeken, moest dat onderzoek na enkele maanden worden afgesloten. De daders waren snel weer vrij, vanwege gebrek aan bewijs. Het enige succes dat politie en gemeente konden meldden, was de sluiting van twee panden onder de wet BIBOB . Maar, ook zonder die panden handelden de pooiers straffeloos voort. De sluiting bleek een storm in een glas water. Aangiften van de vrouwen lagen, tot frustratie van de twee agenten, te verstoffen in een la op politiebureau Beursstraat. Ondanks dit soort mislukkingen, willen de gemeente en politie het publiek nog steeds laten geloven dat de wet BIBOB een wondermiddel is in de strijd tegen vrouwenhandel.

 

Ik denk dat de sluiting van prostitutiepanden de problemen van gedwongen prostitutie en vrouwenhandel eerder verergeren. Hoogstwaarschijnlijk zal de ‘bankier van de Wallen’, Charles Geerts, het werk onmogelijk worden gemaakt. Het is ongetwijfeld een klap in het gezicht van de Amsterdamse onderwereld, die rap geld verdient met drugs, fraude en witwassen. Maar een steun in de rug voor de vrouwen die uitgebuit en mishandeld worden is het volstrekt niet, evenmin helpt het overigens de vele vrouwen die het vak vrijwillig uitoefenen. Het verbieden van legale prostitutie leidt namelijk veelal tot ondergrondse, illegale en schimmige prostitutiecircuits, waardoor uitbuiting en mishandeling alleen maar simpeler wordt.

 

De vooronderstelling van de gemeentelijke lijn lijkt te zijn geen prostitutie = geen vrouwenhandel. Het is een simplistische en bovenal misleidende aanname, die doet denken aan een eerdere door Cohen en Welten geregisseerde actie. In 2002 en 2003 werd tijdens tot dan toe goed geheim gehouden politieacties, de Amsterdamse tippelzone ‘schoongeveegd’. Onder het mom van de bestrijding van vrouwenhandel werden honderden vrouwen, voornamelijk afkomstig uit Bulgarije, Roemenie en Albanië, afgevoerd in een gereedstaand vliegtuig. Bij navraag bleek dat alleen de pers in het herkomstland op de hoogte was gebracht van hun deportatie. Niemand kon vertellen wat er met hen was gebeurd. De actie kenmerkte zich door veel machtsvertoon en weinig barmhartigheid voor de vrouwen. Maar was het niet juist om hen te doen? Blijkbaar niet. Ook nu wordt de stoep weer schoongeveegd. Het Amsterdamse bestuur laat met deze stoere-jongens-geen-gezwets aanpak zien wie de baas is. Net als bij de sluiting van de tippelzone lijkt het eerder te draaien om de strenge handhavende reputatie van de gemeente dan om de belangen van de vrouwen.

 

Wat moet er dan wel gebeuren? Een bewezen en effectieve methode is: een band opbouwen met de vrouwen zodat die, mits nodig, geholpen kunnen worden of eventueel mee kunnen werken aan een grondig onderzoek naar de pooiers. De gemeente en politiekorps kunnen een voorbeeld nemen aan beide voornoemde politieagenten die onlangs een mensenrechtenprijs kregen voor hun werk. Zij hebben zich, tegen de heersende tijdsgeest binnen de politie in, ingezet voor de vrouwen van de Wallen. Elke dag weer belden zij met hulpverlening, Openbaar Ministerie, met de Jeugd en Zedenpolitie voor hulp. Ze praatten met verontruste familieleden en bovenal, zij onderzochten zorgvuldig de handel en wandel van de pooiertjes. Pas als alle dienders en ambtenaren op deze manier wantoestanden ‘niet over hun kant laten gaan’, is de bestrijding van vrouwenhandel echt een speerpunt van gemeentelijk beleid. Het machogedrag van de afgelopen weken heeft daar in ieder geval weinig mee te maken.

 

Ruth Hopkins

Auteur van het boek ‘Ik laat je nooit meer gaan’, uitgeverij de Geus.

 


top page